Menu

‘Geef elkaar een hand en zeg sorry’. Zo eenvoudig is het helaas niet. Mensen praten niet meer over ruzie, maar over een conflict of een geschil. Naast emoties spelen veel aspecten een rol. Wat is er aan de hand? Wat betekent dat bedrijfskundig? Wie heeft er gelijk volgens de letter van de wet? Sieds Rienks (psycholoog) en Leo Blokland (advocaat) zijn beiden bedrijfskundig opgeleid. Hun visie op het conflict is multidisciplinair, en tegelijkertijd heel menselijk. Zij werken zonder de klassieke kenmerken van mediation. Hoe zit dat?

Sieds stelt steeds doortastende vragen met een positieve toon, hij luistert scherp en is creatief in het meedenken en inspelen op belangrijke zaken. Leo luistert, maakt analyses, kijkt scherpzinnig van een afstandje naar het gesprek als ook naar de hele situatie. Samen hanteren zij de menselijke maat en adviseren op juridisch, bedrijfskundig en psychologisch vlak. Dat maakt dit team kundig en objectief -maar níet neutraal. Zij brengen organisaties resultaten, de conflicten verdwijnen en de rust keert weder.

Interview-MiC

“Mediation laat zich omschrijven als een poging om een geschil tussen mensen door henzelf te laten oplossen onder begeleiding. Het alternatief is om dit voor de rechter uit te vechten. Deze manier van conflictbeheersing is vaak gebonden aan allerlei regeltjes en richtlijnen. Wij denken dat dit anders kan en moet. Sterker nog, we denken dat dit de oplossing vaak in de weg staat.

Onze opdrachtgevers bewegen zich rondom de top van organisaties, we hebben te maken met leden van de Raad van Bestuur, Toezicht, Commissarissen bij de overheid en directieleden in het bedrijfsleven. Bij onenigheid in de organisatie is niemand gebaat. Het is hun wens om snel en efficiënt te handelen. Om onze klantenkring van dienst te zijn, bemiddelen we bij vervelende situaties. Hierbij wijken we regelmatig af van het strakke protocol.

  • Nee, maken geen contracten of overeenkomsten. Wat wij dan anders doen? Nou dit! Bij ons staat vertrouwen centraal, we leggen niemand op wat hij wel of niet mag zeggen. Gesprekken duren soms wel meer dan twee uur, in die tijd bereiken we een onderling vertrouwen en vertellen mensen wat er scheelt. We vragen wat er wèl goed gaat en hoe ze het zelf voor zich zien. Onze doorvraagvragen brengen een denkproces op gang.
  • Nee, we nemen niets op. We maken geen aantekeningen en vertellen niets aan derden. Na al die jaren hebben we de lijn van het proces in ons hoofd zitten en omdat we oprecht luisteren naar mensen, komen hun antwoorden ook binnen. Zo krijgen we mandaat. We bespreken wel onderling wat we gezien en gehoord hebben.
  • Nee, we zitten niet meteen met alle partijen tegelijkertijd aan tafel. Onze ervaring leert dat mensen altijd makkelijker vertellen wat ze dwarszit als we dat een-op-een aan ze vragen. Afzonderlijk met verschillende mensen praten is bij de klassieke mediation een doodzonde. Bij ons is dat aan de orde van de dag. Wat we horen prenten we in ons hoofd, we filteren de emoties eruit en spiegelen wat verteld wordt. Zo halen we de lading eraf. Als je dan hetzelfde onderwerp met betrokkenen opnieuw bespreekt is het veel gemakkelijker uit te leggen.
  • Nee, we gaan niet in onderhandeling. We zetten mensen niet tegenover elkaar, met onszelf als scheidsrechter. We komen derhalve niet in het midden uit, we komen dáár uit waar de beste oplossing is. Die oplossing ontstaat vaak door de dynamiek van de betrokkenen. Soms is het onze rol om hen in een stevig gesprek met klem te adviseren nog eens opnieuw na te denken.
  • Nee, we kijken niet terug, maar we kijken vooruit. We gaan beslist geen ja-nee-spelletje doen. Ja maar, hij zei, en ik vond toch… Dat werkt niet constructief. We praten met elkaar met het oog op de toekomst. De energie uit het verleden benutten we om een beeld, een stip aan de horizon, een droom, een wens te verwezenlijken. We kijken samen welk gedrag daarbij hoort. Als mensen weten waar ze heen willen, laten ze het verleden al eenvoudiger los.”

“Als Jan vindt dat de organisatie moet groeien, en Piet zegt van niet, gaan wij op zoek naar de achtergrond van deze meningen. Wat zijn ieders verwachtingen, wat is realiteit? Wat is ieders toekomstbeeld en welk gedrag hoort daarbij?”

Het is soms een kunst om mensen aan het praten te krijgen, maar dat lukt eigenlijk altijd. Iedereen vindt het prettig om gehoord en begrepen te worden. Sieds en Leo gaan beiden zonder oordeel het gesprek in en zijn in staat om in no-time naar de kern te gaan. De onderliggende patronen komen naar de oppervlakte, krijgen erkenning en vinden een nieuwe plek. De organisatie kan weer door.

We doen niet aan waarheidsvinding, maar gaan op zoek naar de beste oplossing. Conflicten kosten geld en energie. Onze senioriteit leert ons dat als je wat minder krampachtig omgaat met de situatie, andere accenten legt, de balans in het gesprek herstelt, dat mensen daarbij gebaat zijn. Financieel, bedrijfskundig en persoonlijk.”

Disclaimer

Bovenstaande beschrijvingen komen niet overeen met een werkelijk voorval.  Cliënten mogen bij ons rekenen op volstrekte geheimhouding. De voorbeelden illustreren onze ervaringen bij interventies, maar elke overeenkomst met werkelijke gebeurtenissen berust op toeval.

Soms worden commissarissen of raden van toezicht geconfronteerd met klachten over bestuurders. Als die klacht een uiting is van grote onrust kunnen toezichthouders zich genoodzaakt zien onderzoek te laten doen.

Uit die onderzoeken komt vrijwel altijd naar voren dat de betreffende bestuurder het vertrouwen bij een deel van de medewerkers heeft verloren. Vaak wordt geoordeeld dat medewerkers zich onveilig voelen. In veel gevallen verlaat de bestuurder na verloop van tijd het toneel.

 

Onlangs werden wij (Masters in Conflict) door de voorzitter van de raad van toezicht van een maatschappelijke organisatie om advies gevraagd omdat er in haar organisatie een niet meer te beheersen ruzie was ontstaan.

Ruim een jaar geleden waren er klachten gekomen van de ondernemingsraad dat er geen werkzame verhouding meer bestond met de bestuurder. Toen de voorzitter van de RvT met enkele medewerkers en met de ondernemingsraad daarover sprak, kreeg zij de indruk dat er veel meer aan de hand was dan de bestuurder in eerdere gesprekken had willen laten blijken. De ondernemingsraad sprak van een angstcultuur en vond dat de bestuurder zijn taken niet meer kon uitoefenen.  De OR vroeg een diepgaand onderzoek.

Na gesprekken met de bestuurder zag de raad van toezicht zich dan ook genoodzaakt een onderzoek in te stellen. Er werd een onderzoeker van buiten aangetrokken. Deze moest beoordelen of de ondernemingsraad haar taken wel onbelemmerd kon uitvoeren en in hoeverre medewerkers zich wel vrij voelden om zaken ter sprake te brengen. De onderzoekers spraken met verschillende mensen uit diverse geledingen.

“ De OR vroeg een diepgaand onderzoek.”

Onderzoek naar het geschil

De conclusie van de onderzoekers was dat het vertrouwen in de bestuurder in een groot deel van de organisatie was verdwenen. Er zou veel verloop zijn onder de medewerkers. Betrokkenheid van medewerkers bij besluiten en de personele inzet waren knelpunten. Een ingezette organisatieverandering na de fusie met een andere instelling, had veel weerstand opgeleverd.

De ondernemingsraad kon inmiddels haar taak niet meer goed uitoefenen; de onenigheid met de bestuurder ging niet meer over de inhoud, maar over de wijze waarop men met elkaar omging. Men ruziede over het recht van overleg en instemming. Er werd geklaagd over een angstige verhouding tussen (top) management en medewerkers.

Tot slot was de bestuurder volgens het rapport een gedreven persoonlijkheid met een duidelijke visie, maar werd hij door een deel van de organisatie ook als intimiderend ervaren.

De onderzoekers adviseerden om per organisatieonderdeel een betere uitwerking te maken van de lopende organisatieverandering. Dat zou duidelijkheid verschaffen over taken, roosters en regie.

De OR zou gebaat zijn bij nieuwe verkiezingen, want met de zittende mensen leek een oplossing van het conflict niet haalbaar. In de organisatie zouden coaches de nodige begeleiding moeten geven aan zowel individuen, teams als management.

Zo gezegd, zo gedaan. Maar wat bleek: een half jaar later was de onenigheid niet opgelost. De OR klaagde haar nood weer bij de RvT, zegde het vertrouwen in de Bestuurder als ook in de Raad van Toezicht op. Allerlei brieven met soms sterk polariserende inhoud gooiden olie op het vuur. De bestuurder meldde zich ziek. Er werd een interim manager aangetrokken, maar ook die kon de gemoederen niet tot bedaren brengen. Managementteam, cliëntenraad, middenkader en stafleden  roerden zich eveneens mondeling en schriftelijk door voor de een of de andere beleving partij te kiezen.

Het conflict wordt meestal aangescherpt

Als in een organisatie de gemoederen zo hoog oplopen dat (groepen van) belangrijke betrokkenen elkaar niet meer verstaan en commissarissen of toezichthouders het noodzakelijk vinden om een externe partij een onderzoek te laten instellen, dan is het geschil vaak al fors geëscaleerd. Er worden harde eisen gesteld; men probeert mensen in de organisatie aan de eigen kant te krijgen, er vormen zich coalities en men probeert sympathie voor eigen standpunt te winnen bij buitenstaanders.

In een organisatie van enige omvang doen vele verhalen de ronde; ook buiten de officiële communicatie kanalen. In normale omstandigheden zal informatie die niet helemaal juist of gekleurd opgevat kan worden door andere bronnen gecorrigeerd worden, maar in een conflictueuze situatie zien we eigenlijk altijd de aanscherping van dat conflict en zelden de vermindering daarvan.

Een brief van een ondernemingsraad aan een raad van toezicht is er niet zelden op gericht om de toezichthouder te overtuigen van het onjuiste gedrag of de foutieve beslissingen van het bestuur. Met de verspreiding van zo’n brief zal een OR een standpunt willen innemen ten aanzien van bepaalde beslissingen en daarmee uiteraard anderen van de juistheid van haar stellingname willen overtuigen.

“ Allerlei brieven met soms sterk polariserende inhoud gooiden olie op het vuur.”

Meningen en inzichten ver van de waarheid

Bewust of onbewust vragen medewerkers zich af hoe zij zich ten opzichte van de geschillen moeten gaan verhouden; moeten ze zich afzijdig houden of aansluiten bij de mening van directe collega’s?

Als medewerkers vertrouwen in de leiding hebben zullen zij daarover waarschijnlijk positief oordelen, maar staat de chef in hun beleving erg ver af dan zal de mening over zijn aansturing over het algemeen op minder waardering kunnen rekenen. De mate van waardering en beloning, de eigen psychologische toerusting, eerdere ervaringen en diverse andere elementen beïnvloeden de opvattingen en reacties op gebeurtenissen.

Maar er is meer. Mensen denken veel minder zelfstandig dan wij doorgaans aannemen. Een zeer bekende cognitieve dissonant is het aanpassen van ideeën en gedrag aan anderen ( groepsdenken) . De opvatting van individuen over een bepaalde persoon of gebeurtenis wordt in hoge mate bepaald door datgene wat als overheersende gedachte binnen een groep waartoe men behoort, naar voren komt.

Aannames die ten grondslag liggen aan een beslissing die in een groep genomen wordt leiden niet zelden aan de zogenaamde anchoring. Aan de eerste informatie die wij krijgen hechten we de meeste waarde en men heeft er over het algemeen grote moeite mee om die eerste informatie door andere gegevens te vervangen en de mening bij te stellen. Anders gezegd: een mening in of van een groep wordt slechts hoogst zelden bijgesteld. Dat geldt voor een MT, een OR, een team zo goed als een Raad van Toezicht.

Opvattingen over de organisatie waarin men werkt hebben dan ook lang niet altijd een rationele grondslag. Gaan wij in een onderzoek betrokkenen vragen naar hun mening over gedragingen van anderen of over de wijze waarop zij zelf sturing kunnen geven aan hun werkzaamheden, dan kleurt het reeds bestaande oordeel in hoge mate de reactie.

En in analogie daarmee zien we dat ook terug in onderzoek, ook door een externe partij: als er in een organisatie een onderzoek wordt uitgevoerd met de leidende vraag of medewerkers hun mening over een organisatieverandering vrijelijk kunnen bediscussiëren, dan zijn de antwoorden van medewerkers uit de interviews afhankelijk van de persoonlijke kleuring en aannames, maar bovendien afhankelijk van de groepsprocessen, de heersende meningen, de belangen en de kring waartoe men behoort.

Het onderzoek geeft weinig inzicht in werkelijke oorzaken

Van elk onderzoek is dus te voorspellen dat de antwoorden zich zullen bewegen tussen het ‘volledig vrij voelen om de eigen mening te geven” en een gevoel van beperking door de dreiging van sancties.

Verder blijkt er bar weinig uit zo’n verslag of is de conclusie vaak teleurstellend. De beleving overstijgt vaak de feitelijkheid. En de politieke werkelijkheid wordt met vele kleuren alleen maar verwarrender.

Jammer genoeg zien we bij gebrek aan beter dat betrokkenen zich vaak vastklampen aan de ‘conclusies’ zoals: de bestuurder heeft geen draagvlak, de organisatie is verwaarloosd, er heerst een angstcultuur en toen en toen heeft die en die verkeerde besluiten genomen; meer tijd voor dit en meer aandacht voor dat.

“ De bestuurder heeft geen draagvlak, de organisatie is verwaarloosd.”

Wat helpt wel?

Als we een organisatie echt verder willen helpen is het handelen en denken in het verleden minder interessant. We leren veel meer van de vraag wat er nodig zou zijn om met elkaar weer een toekomst op te bouwen. Om die vraag goed te stellen zijn indringende en verdiepende gesprekken nodig, waarin beelden en emoties en wensen voor de toekomst een rol spelen.

De spiegel die daarmee wordt voorgehouden geeft zicht op de verwachtingen die we hebben en de mogelijkheden om daarop invloed uit te oefenen, maar ook op bestaande dynamiek en de interacties. Daarmee ontstaat er beweging en verandering die vaak een voorbode zijn van het succes van de interventie. Het denken in het verleden levert bij conflicten meestal een palet op van ontkenning en verkettering in plaats van erkenning van werkelijke oorzaken of de intensieve verkenning van een betere toekomst.

In de gesprekken die wij voeren met bestuurders, management, raden, medewerkers of toezichthouders vragen we naar de eigen, persoonlijke beelden en verwachtingen. We gaan met de deelnemers op zoek naar de goede elementen van de samenwerking; we vragen hoe het misschien zou moeten zijn en hoe het zal worden. We vergelijken die verwachtingen met de realiteit van het moment en spiegelen de gedragingen van betrokkenen.

Dat is confronterend en heftig, maat het is best mogelijk om helder commentaar te geven op gedrag, mening of besluit zonder te (ver) oordelen. De reflectie is gericht op de toekomst en zoeken daarmee naar de juiste rollen en mogelijkheden. We doen dat voortvarend in een vrij hoog tempo. Door de gesprekken komt een denkproces ( en vaak ook groepsproces) op gang waarin de vraag naar de schuldige en de boosdoener vervangen wordt door een beeld van de toekomst op basis van eigen rol en mogelijkheden.

Als we de verschillende geledingen die toekomstbeelden met elkaar laten vergelijken hebben vroegere verwijten meestal plaats gemaakt voor een vraag naar vertrouwen. Soms ook trekken mensen de conclusie dat zij elders beter zullen functioneren en weer anderen ervaren een drastische verandering van beleving, maar vrijwel altijd dient zich een toekomst aan die niet vervuild wordt door ongefundeerde beschuldigingen, angst of verwijten. Daarmee hebben we het gesprek over de inhoud weer zichtbaar gemaakt en blijken veel conflicten al heel ver richting oplossing te gaan.

Leo Blokland & Sieds Rienks

Masters in Conflict

Disclaimer

Wij hanteren volstrekte vertrouwelijkheid voor onze cliënten. Alle voorbeelden in onze stukken zijn gebaseerd op onze ervaringen, maar zo omgevormd dat herleiding naar instellingen of personen niet mogelijk is. Elke overeenkomst met een werkelijke situatie bewust op toeval. Onze ervaringen dragen de sporen van vele jaren aan conflictinterventie en vele casussen.

Voor mensen die midden in het conflict zitten, maar ook voor buitenstaanders is het vaak ongeloofwaardig dat zelfs conflicten op “oorlogsniveau” met de juiste intensiteit en begeleiding in relatief korte tijd kunnen worden omgebogen. 

Hoe we dat doen is voor een deel het geheim van de smid, maar ook goed uitlegbaar. Onze intensiteit is zéér hoog, het niveau van de gesprekken is op top-level, maar ook maken we optimaal gebruik van onze kennis op juridisch, bedrijfskundig en psychologisch terrein.

Zakelijk conflict oplossen in 14 dagen

“ en toch zijn wij gewend om wel degelijk onze mening te geven…”

We hebben begrip voor het verleden, maar zijn bovenal op zoek naar de toekomst. En we vinden het geluk van iedere betrokkene belangrijker dan het gelijk. Daarnaast maken we gebruik van belangrijke tools en approaches uit het Solution Focus gedachtengoed. Erkenning bieden, luisteren, vragen stellen, ruimte bieden en begrenzen, commitment realiseren, mandaat verwerven: ze maken alle deel uit van ons gedachtengoed.

En toch zijn wij, Leo en Sieds, als moderatoren van het proces gewend om wel degelijk onze mening te geven, een perspectief te schetsen en soms zeer stevig te confronteren. Maar kennelijk lukt het ons om ook dan een positieve toonzetting te vinden.

Voortdurend zeggen betrokkenen tijdens en ná het proces dat we met elkaar ingaan: “wat bijzonder dat ik me hier in alle vrijheid, zonder directe waarden of oordelen, mag uiten op een manier die bij mij hoort”.

Die 14 dagen zijn dus geen gemakkelijke dagen. Niet voor de betrokkenen, niet voor ons. Er gebeurt immers nogal wat. En toch krijgen we prachtige klantscores voor ons resultaat, onze werkwijze of onze persoonlijkheid. We hebben dan vertrouwen en erkenning gegenereerd, we zijn er kennelijk in geslaagd de gebruikelijke manier van bejegenen van partijen om te keren en de positieve sfeer weer terug te brengen. Onze houding, onze ervaring, onze senioriteit: alles helpt.

Dat betekent niet, dat alle conflicten in pais en vree eindigen. Zo mooi is het leven niet en we zijn geen tovenaars. Soms is het einde van een conflict de beëindiging, mutatie, exit van een al jaren bestaande relatie. Dat kan. Maar het is bijzonder dat we nog niet hebben meegemaakt, dat partijen in ongenoegen of kwade blikken tot een eindbesluit kwamen. Altijd is er toch weer begrip ontstaan, erkenning en inzicht in het eigen en wederzijds handelen.

Tot slot dit. De conflicten, waar wij aandacht aan geven, bevinden zich in de top van organisaties of bedrijven. Dit betekent dat we vooraf met de opdrachtgevers (vaak de aandeelhouders, de Raad van Commissarissen of Toezicht, een Directieteam) een goed vooroverleg voeren . We willen weten waar de mogelijkheden, maar soms ook onmogelijkheden liggen. Dat doen we zorgvuldig. En die 14 dagen, die kloppen echt ! Maar wel in een intensiteit passend bij het proces. Met agendavrijheid, ruimte voor een goede locatie, en natuurlijk de eerste inzet van betrokkenen. En soms is er daarna ook echt nog wel even nazorg of juridische ondersteuning nodig.

conflict oplossen

Dit alles, en nog veel meer, maakt deel uit van ons succesverhaal. We noemen ons dan ook nooit meer mediator. We geloven al lang niet meer in oplossingen, waarbij de waarheid in het midden ligt, waarbij het tempo laag is en waarbij de einddoelen vooral heel ver weg liggen.

Als je meer wilt weten, vraag onze 10 tips (via sieds@mastersinconflict.nl), lees onze artikelen en presentaties (bijvoorbeeld onze blogs op de website). En bovenal: leg eens contact. Telefoonnummers op de website of via de mail.

Disclaimer

Bovenstaande beschrijvingen komen niet overeen met een werkelijk voorval.  Cliënten mogen bij ons rekenen op volstrekte geheimhouding. De voorbeelden illustreren onze ervaringen bij interventies, maar elke overeenkomst met werkelijke gebeurtenissen berust op toeval.

Een stip op de horizon ligt nooit in het midden en nooit bij één van de deelnemers.

Bij ruzie in organisaties horen we vaak hoe partijen de kachel met elkaar aanmaken: “zij werkt te langzaam, houdt zich niet aan afspraken, gedraagt zich niet in de vergadering en stookt de medewerkers op”. “Jan zei toen dat hij daar geen zin in had”; “Piet kwam niet opdagen” en “Klaasje gaf verkeerde opdrachten”.

“ Klaasje gaf verkeerde opdrachten…”

Geconfronteerd met zulke vechtersbazen hebben we de neiging om te kijken wie zich wel en wie zich niet aan de regels heeft gehouden. Wat zijn de regels en wie heeft gelijk? Maar wat blijkt? De regels zijn verouderd of niet in alle gevallen toepasbaar, er was een goede of persoonlijke reden om iets anders te doen, de doelstelling is niet helemaal duidelijk, niemand neemt een beslissing of de juiste cultuur ontbreekt.

Nieuwe regels of het aanwijzen van ‘de baas’, lijken eerst wel een oplossing, maar meestal verergert dat de situatie alleen maar. Ook de opdracht dat ze het samen maar moeten oplossen, brengt partijen doorgaans niet dichter bij elkaar.

Wat bij kijvende collega’s ontbreekt is een gemeenschappelijk toekomstbeeld. Als je in zo’n conflict iemand gelijk geeft, dan breek je de ander af. Mediation lijkt voor aanhoudende geschillen een goede aanpak, maar pas op, het gelijk komt dan vaak in het midden te liggen.

De ervaring leert dat het ‘gelijk’ doorgaans ergens anders gevonden moet worden: wat willen we bereiken en wat is de toekomst? Een stip op de horizon ligt nooit in het midden en nooit bij één van de deelnemers.

En die medewerker die zich niet weet te gedragen omdat hij ruzie heeft met zijn partner of slecht in zijn vel zit om een andere reden? Die moeten we aanspreken. Misschien helpt gerichte coaching.

Conflict oplossen is iets anders dan nieuwe wetten maken of zoeken naar het gelijk.

“ Een stip op de horizon ligt nooit in het midden.”

Als je meer wilt weten, vraag onze 10 tips (via sieds@mastersinconflict.nl), lees onze artikelen en presentaties (bijvoorbeeld onze blogs op de website). En bovenal: leg eens contact. Telefoonnummers op de website of via de mail.

Disclaimer

Bovenstaande beschrijvingen komen niet overeen met een werkelijk voorval. Cliënten mogen bij ons rekenen op volstrekte geheimhouding. De voorbeelden illustreren onze ervaringen bij interventies, maar elke overeenkomst met werkelijke gebeurtenissen berust op toeval.

Interview-MiC-voorzijde

Een conflict beëindigen en een conflict oplossen zijn twee heel verschillende dingen. Daar zijn Leo Blokland en Sieds Rienks tijdens hun loopbanen in de top van organisaties wel achter gekomen. Hoe kan het dat ruzies vaak letterlijk worden uitgevochten? Waarom nemen de partijen genoegen met ieder de helft? Masters in Conflict kiest voor een andere benadering: ‘Het is onze missie om de conflicten uit een bedrijf te halen, zodat negatieve energie zich omzet in positieve energie.’

Achtergrond

Binnen Masters in Conflict brengen Leo Blokland en Sieds Rienks ieder hun eigen expertise in. Leo vertelt: ‘Van oorsprong ben ik advocaat en tuchtrechter. Ook gaf ik twintig jaar leiding aan een grote zorgorganisatie. Op dit moment werk ik weer als advocaat.’ Ook Sieds werkte lang in de zorgsector; in het begin als psycholoog, later in het management. Sieds: ‘In het bedrijfsleven bleek dat ik als heel verbindend word ervaren, dat ik mensen weer bij elkaar kan brengen.’

Objectief, niet neutraal

Leo en Sieds kenden elkaar al persoonlijk, maar besloten zich ook zakelijk te verbinden. Leo licht toe: ‘We zijn samen Masters in Conflict begonnen, omdat we beiden uit het management komen en weten wat daar speelt.’ Sieds vult aan: ‘Ik zag vaak een inefficiënte manier van conflictbeoefening, waardoor conflicten veel tijd en geld kosten.’ Vaak proberen twee partijen een conflict op te lossen door een mediator in te schakelen, maar dit is niet altijd de beste keuze.

Leo: ‘Traditionele mediation gaat altijd uit van een neutrale rol van de mediatior, waardoor het uitdraait op compromissen sluiten. Wij zeggen altijd: Masters in Conflict is objectief, maar niet neutraal.’ ‘Ieder de helft is voor mij geen oplossing’, aldus Sieds. Een conflict is pas opgelost als beide partijen weer met elkaar in gesprek zijn.’

Juridisch, bedrijfskundig en psychologisch

Masters in Conflict staat bekend om de voortvarende aanpak. Leo: ‘In twee weken kunnen we een aardige slag maken.’ Sieds verklaart: ‘Wij durven onze observaties te delen en daar nemen we de tijd voor. Leo kijkt naar de juridische verhoudingen, ik richt me op de competenties van de verschillende partijen die met het conflict gemoeid zijn.’ Te vaak zijn mediators juridisch óf psychologisch geschoold. Dat beperkt de blik op de werkelijkheid. Masters in Conflict bekijkt de situatie vanuit een juridische, psychologische en bedrijfskundige invalshoek, waardoor de aanpak veel breder is dan mediation.

Temperatuur laten zakken

Masters in Conflict werkt voor de top van verschillende organisaties, zoals raden van toezicht, instellingen, aandeelhouders en familiebedrijven. Een belangrijke eerste stap is ‘olie op de golven gooien’. Sieds licht toe: ‘Luisteren en vragen zijn heel belangrijk om de temperatuur te laten zakken. Mensen begrijpen elkaar niet, waardoor ze niet meer in neutrale termen over elkaar kunnen denken en spreken. Daarin moeten we eerst rust brengen.’ Leo vervolgt: ‘We praten met beide partijen afzonderlijk en vragen daarbij het mandaat om vrij te bewegen. Uiteindelijk hebben we dan een beeld van wat de mensen als conflict ervaren.’ Een volgende stap is het achterhalen van de sleutelfiguren. Sieds legt uit: ‘Het is zelden zo dat twee mensen ruzie hebben, er zijn altijd figuren omheen. Ook met hen moeten we kunnen praten.’ Als de kern van het conflict bekend is, wordt de eerste stap richting de oplossing gezet.

Toekomstgerichte oplossing

Vaak heeft een conflict te maken met een gebrek aan waardering voor elkaar. Solution Focus-mediation kan in deze gevallen mensen bij elkaar brengen. Dit is een wereldwijd erkende methodiek, die uitgaat van de persoonlijke kwaliteiten in plaats van de problemen die er zijn. Leo en Sieds gaan ervan uit dat de competenties van de ene partij die van de andere kunnen versterken en omgekeerd. Leo: ‘Door het gesprek hierover aan te gaan, ontstaat vaak een heel interessante situatie.’ Sieds vervolgt: ‘We vragen ook hoe de toekomst er volgens beide partijen uit moet zien. Vaak passen die beelden heel goed bij elkaar. Als ze die beelden van elkaar kennen, krijgen beide partijen meer waardering voor elkaar.’

Positieve energie

De laatste stap is het advies. Wie van de partijen er gelijk had, doet er daarbij niet toe. Het gaat erom dat de betrokkenen weer met elkaar in gesprek zijn. Sieds: ‘Mijn missie is om de conflicten uit een bedrijf te halen, zodat negatieve energie zich omzet in positieve energie.’ Leo voegt toe: ‘Ik vind het fantastisch als mensen weer een toekomst zien. Uiteindelijk is de vraag: ga je voor je gelijk of voor je geluk?’

Wilt u het interview downloaden?

In de bij voortduring veranderende wereld van de gezondheidszorg zijn instellingen bezig met het aantrekken of afstoten van verschillende vormen van hulpverlening. Soms is men van mening dat een bepaalde medische dienst niet (meer) bijdraagt aan de doelen van de instelling en soms zien we dat diezelfde dienst juist wordt uitgebreid.  In dit blog leiden deze voorgenomen veranderingen in 2 situaties tot een vergaand conflict.

Situatie 1: Ziekenhuis ‘X’

Vier medisch specialisten in dienstverband voelden zich op een zijspoor gemanoeuvreerd omdat hun taken in toenemende mate door andere disciplines werden overgenomen. In het beleidsplan van het ziekenhuis was opgenomen dat de dienstverlening van dit specialisme in de toekomst vorm zou krijgen door samenwerking met andere instellingen.

conflictmediation

Men streeft naar een samenwerking met het naastgelegen academisch ziekenhuis en detacheringscontracten met andere instellingen. De zaak sudderde een tweetal jaren voort zonder dat er enige duidelijkheid kwam over detachering of samenwerking.

De grond voor het conflict

Twee medici vertrokken naar een verder weg gelegen instelling. Daar zagen zij de kans om hun specialisme weer in alle omvang te kunnen uitoefenen. De overgebleven dokters kregen steeds minder patiënten doorverwezen en de faciliteiten voor opnames en voor polikliniek waren bij het vertrek van de andere twee drastisch ingekrompen.

In gesprekken die de medici hadden met het afdelingsmanagement werd ontkend dat men deze dienstverlening aan het afbouwen was. De leidinggevende zei druk bezig te zijn met het zoeken naar arbeidsplaatsen voor de twee overgebleven artsen bij instellingen in de omgeving zodat zij elders aangesteld zouden kunnen worden. Op detacheringsbasis zouden deze dokters hun specialisme in het ziekenhuis kunnen blijven vervullen. Van reorganisatie was geen sprake en geen van de medewerkers zou gedwongen ontslagen worden.

Het management vond dat de artsen maar weinig inspanning hadden geleverd om samenwerkingsverbanden met andere instellingen te laten ontstaan. Als zij zich meer hadden ingezet zou een overgang naar elders al wel gerealiseerd zijn. Het conflict was daarmee geheel manifest, want de dokters vonden dat zij gewoon stelselmatig gedwarsboomd waren in plannen die zij zelf hadden aangedragen. De instellingen waarmee detacheringscontracten werden beoogd hadden allemaal al specialisten van dezelfde discipline in dienst.

“In onze gesprekken met hen bleken zij de redelijkheid van de beleidskeuze wel in te kunnen zien.”

Er werd in eerste instantie een mediator aangetrokken om het conflict op te lossen. De gesprekken spitsten zich toe op de wijze waarop de twee partijen met elkaar communiceerden en de verwijten over en weer. Na een aantal gesprekken moest de mediator concluderen dat er geen oplossing voor het geschil was ontstaan. Zij trok zich na 6 maanden terug.

In mijn hoedanigheid als advocaat begeleidde ik, Leo, de twee dokters naar de kantonrechter. Enkele maanden later sprak de rechter het ontslag uit op verzoek van de werknemers (!) met een forse vergoeding ten laste van het ziekenhuis.

Situatie 2: Ziekenhuis ‘Y’

Frappant was dat wij als Masters in Conflict later in dat jaar elders gevraagd werden te interveniëren in een geschil tussen artsen met hetzelfde specialisme en andere collega’s. Het conflict ging over intercollegiale consulten en doorverwijzingen. Toen wij naar de beleidsplannen van deze afdelingen vroegen zagen wij dezelfde strevingen als in het vorige ziekenhuis en dezelfde onzekere opstelling bij het management van die afdelingen.

“Het conflict ging over intercollegiale consulten en doorverwijzingen.”

Wij voerden een gesprek met de Raad van Bestuur en gaven het advies de onderliggende beleidskeuze helder te maken en uit te werken. Voor de artsen was de mededeling dat hun werkzaamheden uit deze instelling zouden verdwijnen in eerste instantie slecht verteerbaar, maar het opende wel de weg naar een gezamenlijk plan van aanpak. In onze gesprekken met hen bleken zij de redelijkheid van de beleidskeuze wel in te kunnen zien.

De drie betrokken artsen vonden binnen een jaar allemaal een andere aanstelling. Twee daarvan behartigen nog steeds het intercollegiaal overleg en de resterende behandeling van patiënten in goede samenwerking met hun collega’s.

Kosten: nog niet de helft van die bij Ziekenhuis ‘X’.

conflictbemiddelaar masters in conflict

Wij zien vaak dat conflicten een onderliggend vraagstuk hebben waarin door partijen zelf niet of nauwelijks te beslissen valt. Eigenlijk zit het conflict dan tussen andere geledingen van de organisatie en zijn er andere dynamieken in het spel. Als dat niet wordt onderkend loopt mediation vrijwel altijd op een teleurstelling uit. Masters in Conflict hanteert een bewezen methode waarin wij snel, oplossingsgericht en met respect voor alle betrokken partijen tot een oplossing komen.

Herkent u een soortgelijke conflictsituatie?

N.B.

Alle gegevens in deze casus zijn zodanig gewijzigd dat herleiding naar personen of instellingen niet mogelijk is. Enig vergelijk met een bestaande situatie berust op louter toeval. De casus is wel gebaseerd op onze ervaringen.

De nijpende situatie

Tegenover ons zit Ernst, directeur van een stevige onderneming (maakindustrie) met meer dan 500 medewerkers . Het botert al een tijdje niet meer tussen Ernst en Harm, de adjunct-directeur. De resultaten worden minder, de gezelligheid van vroeger is er af en Ernst vraagt zich af of hij wel verder moet met Harm. Ernst is Directeur-Grootaandeelhouder (met een RvC),  Harm heeft een dienstverband ( 100 %, bonussen afhankelijk van resultaat) als adjunct-directeur, met name voor de operationele aansturing van de organisatie.

Harm werkt inmiddels al 9 jaar bij de onderneming en is een graag geziene adjunct bij het personeel. Maar voor de klanten ( de “markt”) is Ernst nog steeds de businesspartner, die sales en innovatie voor zijn rekening neemt.

De sfeer verslechtert

Zoals gezegd gaat het al een tijdje wat minder tussen beiden. Er zijn irritaties. Dat kun je ook zien in de mailwisseling, de minder frequente en joviale etentjes en bovendien begint de Raad van Commissarissen tegen Ernst inmiddels opmerkingen te maken zoals “slagvaardigheid” , “ ingrijpen”  en “twijfel”. Ernst heeft de afdeling Personeelszaken opdracht gegeven een dossier aan te leggen over Harm. Harm op zijn beurt bewaart zijn oude waarderende functioneringsgesprekken zorgvuldig en in de laatste drie jaar zijn er al geen functioneringsgesprekken meer gevoerd. Het idee bestaat dat beiden een “harde” confrontatie willen vermijden. Maar de sfeer verslechtert, voor velen zichtbaar.

Masters in conflict in beeld

Via een bevriende relatie worden wij betrokken. De jurist heeft het idee, dat een paar goede gesprekken veel beter zullen helpen dan een loopgravenoorlog. En dat blijkt een verstandige keus. Zonder nu hier alle omstandigheden aan te geven kiezen we voor een goede analyse van de stukken (mails, jaarverslagen, gesprekken) en een stevige dialoog met Harm en Ernst afzonderlijk. We willen vooral weten, wat het voor beiden nuttig maakt om weer aan tafel te komen. Beiden komen er achter dat er “sleet” is gekomen in de functionele relatie. Maar ook realiseren zij zich, dat tijdens de groei van de organisatie en de daarop volgende crisis er heel andere competenties nodig zijn voor de leiding van de onderneming. We besluiten hier intensiever op door te praten.

Perspectief ontstaat

In nauw overleg met alle betrokkenen zien we de relatie met Ernst en Harm herstellen, maar ook zien we dat er de noodzaak is om in te grijpen in de structuur van de organisatie. Na goed overleg blijkt Harm elders een job te vinden, die goed past bij zijn logistieke en operationele vaardigheden, en is er de mogelijkheid ontstaan om de bakens te verzetten. Er ontstaat weer groei en perspectief. Ernst en Harm hebben inmiddels hun oude vriendschappelijke relatie hersteld. En er is geen rechter aan te pas gekomen, geen afkoopsom betaald. De kosten zijn daarmee een fractie geworden van een venijnige en langdurige ontslagprocedure !

De juiste inzet loont

De inzet van Masters in Conflict is vooral gericht geweest op het weer mogelijk maken van de op dat moment uiterst stroeve dialoog tussen beiden. Daarnaast hebben we de discussie uit de formele sfeer kunnen houden. Bij veel conflicten zie je, dat partijen denken dat je het vooral formeel en juridisch moet afwerken. Wij komen tot de ervarings-conclusie, dat je vooral de dialoog moet herstellen en daarna de juridische afhechting veel vanzelfsprekender kunt laten ontstaan. Dat is overigens wel heel belangrijk. Te vaak wordt na het herstel van verhoudingen vervelend gevonden om zaken juridisch “af te hechten” . Onze ervaring is, dat je dat nu juist wel moet doen. Dat voorkomt conflicten in de toekomst.

  • Dialoog werd op gang gebracht
  • Vooruit kijken naar de best mogelijke toekomst
  • Luisteren, luisteren (onbevooroordeeld, integer)
  • Formele discussies vermijden, eerst informeel op orde
  • Focus op kwaliteiten van elke betrokkene
  • Formeel afhechten na bereiken positief klimaat
Herkent u dit ook?

Van overlegmodel naar containerbegrip

Ooit kwam mediation in Nederland. Aangewaaid via de Harvard Business School kwam een overlegmodel tot stand, waarbij op onafhankelijke wijze conflicten, echtscheidingen of zakelijke geschillen konden worden overbrugd. En langzamerhand werd mediation in Nederland een containerbegrip, waarbij de betrokken partijen zich vaak nog maar zelden in de uitkomst konden herkennen.

Schijnoplossingen?

In de afgelopen jaren hebben we in de juridische praktijk veel voorbeelden gezien van een verkeerde opvatting over mediation. De betrokken cliënten werden langs gortdroge protocollen, afspraken en vooral belangen geleid om uiteindelijk te komen tot een voor partijen zelden herkenbare oplossing. Heel vaak werden het zelfs schijnoplossingen.

Gerichte snellere aanpak

Wij hebben de overtuiging, dat het sneller, eerlijker en rechtvaardiger kan. Met betere oplossingen en herkenning voor beide betrokken partijen. Dat kost minder tijd, minder geld en voor alles minder energie. Zo gaan wij in de eerste twee weken al op zoek naar de goede diagnose en komen we met een gericht advies. We kijken naar de stukken en vooral ook voeren we gesprekken met de betrokkenen. We weten wat er speelt en komen met een gerichte aanpak, helpend aan wat beide partijen en ieder afzonderlijk nuttig vinden.

Wellicht overbodig, maar toch echt heel erg belangrijk is de intensieve en verplichte inzet van de betrokkenen inclusief de verantwoordelijk leidinggevenden, aandeelhouders of commissarissen.  Wij kunnen dit hoge tempo alleen maar waarmaken als we een vrije en ruime tijdsinvestering van de meest betrokkenen hebben. En een helder mandaat. Reeds in de intakefase maken we hier heel heldere afspraken over. Wij benutten dit tijdsaspect ook als deadline in onze methodiek.

Mediation gerichtere aanpak

Mediation volgens ons

En als ook dan nog blijkt, dat een onafhankelijke toetsing, bemiddeling of mediation nodig is, dan kan dat. Maar als we kansen zien op de juiste interventie doen we dat ook. Helder en duidelijk, zonder tijdverlies. We halen geen oude koeien uit de sloot, we doen niet aan diepgravende analyse, we gaan niet in op wraakneigingen van de ander. We koersen af op resultaat, bevredigend en eerlijk, transparant en zonder verlies van tijd of tempo. Geen protocollair gedoe, geen enorme set van afspraken, maar open en integer, met zicht op beide partijen. Dat is mediation voor ons. Aan U de keus! 

  • Helder en duidelijk
  • Geen oude koeien uit de sloot
  • Niet terugkijken, vooral vooruitkijken
  • We koersen af op resultaat
  • Zonder tijdsverlies of tempo
  • Open en integer
Wilt u weten hoe we dit voor u kunnen doen?

Onze werkwijze

Natuurlijk is er niet één werkwijze, één methode, één vorm, die altijd werkt en altijd resultaat heeft. En toch hebben we in de afgelopen jaren gemerkt dat Masters in Conflict een werkwijze heeft gevonden, waar onze cliënten tevreden over zijn en voldoende snelheid genereert om het conflict ook daadwerkelijk te kunnen beëindigen. Afhankelijk van de afspraken die we daarover maken kunnen we vaak al in twee weken tot een goed resultaat komen !

Werkwijze zakelijke geschillen

Intakeproces

Vanzelfsprekend besteden we ruime aandacht aan een goede intake. Wie de boeken van Nobelprijswinnaar Kahneman kent ( Daniel Kahneman: ‘ons feilbare denken’) weet dat wat wij zien, niet altijd is wat we zouden kunnen of moeten zien. In onze intake zoeken we dan ook naar het verhaal àchter het verhaal, willen we weten waar we in de vervolgfase beter en dieper naar moeten kijken. Dat zijn vaak psychologische en emotionele processen, maar ook strategische meningsverschillen of opvattingen vanuit identiteit of visie.

Vervolgfase

In de vervolgfase starten we vrijwel altijd met een individuele fase.  Soms doen we dat samen, soms alleen met één van de spelers apart. We zoeken naar ervaringen, opvattingen, competenties, en vooral ook naar de beelden van de toekomst. En we kijken ook naar de juridische en bedrijfskundige ankerpalen in het proces. In de tweede fase komen partijen weer bij elkaar met een duidelijke regiefunctie aan onze kant. We willen er immers alles aan doen om het conflict te beëindigen en een nieuwe, betere verhouding mogelijk te maken.

Methode Solution Focus

Onze houding in het proces heeft alles te maken met onze keuze voor de Solution Focus benadering als krachtige en stevige tool voor het bereiken van mogelijkheden en oplossingen. In een apart nieuwsblog kunt U onze internationale presentatie lezen bij het World Congress 2017 in Frankfurt  ( zie onder blogs) .  Kort samengevat zijn dit de belangrijkste aspecten van onze Solution Focus benadering:

  • Bevorderen van positieve interactie
  • Respectvol, luisterend, integer
  • Niet terugkijken, vooral vooruitkijken
  • Bevorderen van een goed platform voor overleg
  • Sterk en krachtig, oplossingsgericht

Eindfase

Helaas is dit in de Nederlandse praktijk de fase waar de minste aandacht voor is. Men is al lang blij, dat de verhoudingen weer enigszins zijn rechtgetrokken en de grootste kou uit de lucht is. Uit ervaring weten we, dat dat vaak naïef is. Ook in deze fase bieden we vaak nog ondersteuning. In de verhoudingen, de juridische verankering, de hiërarchieke vormgeving.

Evaluatie

Vanzelfsprekend besteden we de vereiste aandacht aan een goede evaluatie. We kijken met betrokkenen of opdrachtgevers terug. Daar hoort een NPS Score bij ( Masters in Conflict haalde nooit lager dan een 8 !) , maar nog veel meer de reflectie op omgeving en gedrag. Deze evaluatie wordt dan ook vaak door iedereen zeer gewaardeerd !

Géén mediation !

Wij kunnen het niet genoeg benadrukken, wat wij doen is géén mediation. Ook al zijn we uitstekend in mediation opgeleid, wij hebben de eigenzinnige keus gemaakt niet als mediator het gesprek aan te gaan. Wij ervaren de Nederlandse werkwijze als knellend, langdurig en zelden oplossingsgericht. Wij willen een oplossing bereiken die door partijen als bevredigend wordt ervaren en recht doet aan de situatie. De geforceerde onafhankelijkheid, de vaak schrijnende effecten van neutraliteit zijn voor ons reden de keuze te maken, zoals wij die hebben gedaan. Soms is confrontatie gewoon nodig en verhinderen de mediation-richtlijnen een stevige opstelling.

Wilt u weten hoe we dit voor u kunnen doen?

Verschillende visies

 

Tijdens de internationale presentatie op het druk bezochte Solution Focus World Congres ( Frankfurt, 22 tot 24 september) van de opvattingen over conflict-mediation hebben Martina Scheinecker ( Oostenrijk, Wenen), Peter Röhrig (Duitsland, Keulen) en Leo en Sieds vanuit Masters in Conflict Nederland hun visie op Solution Focus Mediation beschreven.

De tekst van die lezing ( vanzelfsprekend in het Engels) kunt U hieronder downloaden. Zie de button.

Solution Focus World Conference

Wat zijn de essenties van Solution Focused Mediation:

 

  • In Solution Focus conflict-mediation gaat het vooral om het bereiken van de individuele doelen van de betrokkenen, eerder dan om het beëindigen van het oorspronkelijke conflict.
  • In Solution Focus Mediation gaat het vooral om het bereiken van de gewenste toekomst ( de preferred future). Kleine stappen in het begin vormen de voorbereiding van de latere grote stappen.
  • Solution Focused mediation geeft meer resultaat, het gaat veel sneller en het geeft meer bevrediging na het bereiken van het resultaat.
  • Benader de te bespreken problemen met een zekere ‘lichtheid’ . Daarmee haal je de door partijen ervaren zwaarte weg zoals die gevoeld werd ten tijde van het conflict.
  • Wij hebben ervaren dat het werken met een mix van klassieke mediation technieken, in combinatie met Solution Focus ongelooflijk krachtig kan werken.
  • Conflicten hebben ook een heel positieve betekenis. Ze werken heel vaak als aanjager voor verandering.
Mogelijke oplossingen bij zakelijke geschillen

Graag nodigen wij U uit om met ons door te praten over Solution Focused Mediation. Ook zijn wij van Masters in Conflict regelmatig beschikbaar voor lezingen en presentaties of opleidingen. Naast het op deze website gepresenteerde materiaal is er nog een schat aan kennis beschikbaar, zoals de boeken van Frederike Bannink. Nogmaals, dit doen wij graag.

Op bijna iedere pagina kunt U onze 10 tips voor conflict beëindiging  downloaden. Doe dat vooral. Graag delen wij onze kennis met anderen. De 10 tips vormen een opmaat voor het e-book dat we rond de zomer van dit jaar hopen te presenteren. U krijgt daar vanzelf bericht over.

Complete PDF van het congres